Op zoek naar de schat

Een portret van dirigent Bas Wiegers

Maart 2026
Door Joep Stapel 
 
Vijf jaar geleden was dirigent Bas Wiegers ‘Zielsverwant’ van het Muziekgebouw. In de serie Zielsverwanten mogen topmusici een eigen concertreeks samenstellen. De keuze van Wiegers verried zijn brede oriëntatie: muziek van Mozart en Dvořák met het Orkest van de Achttiende Eeuw, maar ook moderne meesters als Olivier Messiaen en Morton Feldman en splinternieuwe stukken van Georges Aperghis en Enno Poppe. 
 
Toen kwam de zoveelste coronalockdown en werd alles geannuleerd. 
 
Ja, dat was zuur, zegt Wiegers begin maart in een videogesprek. Maar er is goed nieuws: dit seizoen is Wiegers opnieuw een soort-van-Zielsverwant, met drie spannende en heel verschillende projecten in het Muziekgebouw in één seizoen. In november dirigeert hij Klangforum Wien en in januari kort na elkaar Ensemble Musikfabrik en het Münchener Kammerorchester. Wiegers: “Het is een beetje toevallig dat het zo uitpakt, maar wel erg leuk.”


Bas Wiegers (foto Foppe Schut)


Darmsnaren en premières 
Bas Wiegers (1974) begon zijn muzikale loopbaan, zoals veel van zijn collega-dirigenten, ín het orkest. Hij studeerde viool in Amsterdam, bij Johannes Leertouwer en Peter Brunt, en in Freiburg. Hoewel hij de reputatie heeft een ‘nieuwemuziekspecialist’ te zijn, liggen zijn wortels in de historische uitvoeringspraktijk. Als violist bij onder meer de Nederlandse Bachvereniging en Anima Eterna werkte hij met grootheden als Gustav Leonhardt en Ton Koopman. Een geweldige leerschool, zegt Wiegers, al was het flink aanpoten op “die kloterige darmsnaren”: “Je wilt toch harder dan de trombones.” 
 
Ook was hij violist in het Asko Ensemble (voorganger van Het Muziek), waar hij de kneepjes afkeek bij dirigenten als Reinbert de Leeuw en Oliver Knussen, om twee tegenpolen te noemen. In 2009 kreeg hij een beurs van het Kersjesfonds om zich toe te leggen op directie en in 2012 assisteerde hij toenmalig chef-dirigent Mariss Jansons bij het Koninklijk Concertgebouworkest. Je kunt Wiegers, kortom, niet verwijten dat hij zich stilistisch in de hoek heeft geschilderd. Integendeel, je hebt bij hem de indruk dat zijn brede interesses elkaar versterken en zijn muzikaliteit verdiepen. Als gastdocent orkestdirectie aan het Conservatorium van Amsterdam brengt hij zijn kennis over op de volgende generatie. 
 
Hoewel hij inmiddels vrijwel alle Nederlandse orkesten en ensembles heeft gedirigeerd (onlangs keerde hij nog terug bij het Rotterdams Philharmonisch), speelt een groot deel van Wiegers’ werkzaamheden zich buiten de landsgrenzen af. Dit seizoen maakte hij debuten bij Hongkong Sinfonietta en het Orchestre National de Metz, voor volgend seizoen staat onder meer een prestigieus debuut bij de Bayerische Staatsoper op de rol, met de opera Koma van Georg Friedrich Haas. Sinds 2022 is hij een van de drie ‘associated conductors’ van het Münchener Kammerorchester, dat geen klassieke chef-dirigent meer heeft, en daarvoor was hij als vaste gastdirigent verbonden aan Klangforum Wien, een van de voornaamste nieuwemuziekensembles ter wereld. Een blik in zijn agenda leert dat Wiegers komende maanden muziek uitvoert van landgenoot Johannes van Bree (het wonderlijke Allegro voor vier strijkkwartetten uit 1845), Ravel, Poulenc, Stravinsky, Pärt, Olga Neuwirth en een handvol componisten van wie wij in Nederland nog nooit hebben gehoord. 
 
Wiegers’ veelzijdigheid is een verademing in een muziekwereld die nog al te vaak in hokjes en specialismen denkt. “Zelf ben ik er totaal niet mee bezig,” zegt Wiegers. “Ik benader een partituur van Mozart niet anders dan een stuk dat net geschreven is. Ik kijk wat er staat en probeer uit te vinden wat dat met me doet. Wel is het handig als ik de componist een mailtje kan sturen als ik vragen heb. Mozart kun je niet meer bellen. En ik geniet ervan om in Parijs langs te gaan bij een componist als Aperghis, met wie ik een goede band heb. Dan neem ik koekjes mee en praten we de hele dag over de muziek.” 


Bas Wiegers & Klangforum Wien (foto Foppe Schut)


Kind van Brüggen en Reinbert 
Die brede blik past bij het Muziekgebouw, dat immers is opgericht voor álle muziek, aldus Wiegers. Het spreekt voor zich dat hij nieuwe stukken en moderne klassiekers uitvoert met de gespecialiseerde ensembles Klangforum en Musikfabrik. Maar wanneer hij op 29 januari met zijn eigen Münchener Kammerorchester komt, staan behalve een wereldpremière ook het Vioolconcert nr. 2 van Béla Bartók met stervioliste Leila Josefowicz én een symfonie van Haydn op het programma (nr. 102). Haydn is een grote voorliefde van Wiegers. 
 
De wereldpremière met het MKO is een nieuw werk van de Nederlands-Canadese componist Trevor Grahl, die recent nog de tweejaarlijkse Matthijs Vermeulenprijs voor beste compositie won met zijn orgelwerk Spiewnik. Hoewel Grahl in Nederland vooral een reputatie heeft in orgelkringen, is hij volgens Wiegers niet alleen “een waanzinnige componist” maar ook “een van de beste orkestratoren van Nederland”: “Het verbaast me wel dat hij hier niet vaker voor orkesten schrijft. Ik ben erg benieuwd naar zijn stuk, hij komt nog naar München voor workshops met de musici. Het MKO is geen gespecialiseerd gezelschap zoals Klangforum, maar het is wél een heel nieuwsgierig orkest dat zulke projecten goed aanpakt.” 
 
Met Klangforum brengt Wiegers op 19 november een wereldpremière van Catherine Lamb en de liedcyclus Berichten van de overleden juffrouw R.V. Troussova van György Kurtág, met Viktoriia Vitrenko als solist. Met Musikfabrik koppelt hij op 14 januari premières van Rebecca Saunders en Mathias Spahlinger aan het Dubbelconcert voor piano en klavecimbel van Elliott Carter, met Pierre-Laurent Aimard als pianosolist. Carters werk heeft Wiegers al vaker gedaan, ook met Aimard: “Het is een schitterend fijnmazig en kleurrijk stuk, en erg leuk om te repeteren. Ik doe het precies zoals ik heb afgekeken van Ollie Knussen: eerst volledig uit elkaar halen en dan de stukjes weer heel precies samenvoegen. Elke solist heeft een eigen orkest, soms ook een eigen metrum, zodat ik mijn hoofd in tweeën moet delen. Het is een leuke fysieke uitdaging.” 
 
Wiegers noemt zichzelf “een kind van Frans Brüggen én Reinbert de Leeuw”, naar de twee iconische figuren uit respectievelijk de oude en de nieuwe muziek met wie hij veel samenwerkte. Soms wordt vergeten dat Brüggen, oprichter van het Orkest van de Achttiende Eeuw, als blokfluitist óók veel wereldpremières speelde. “Voor veel musici, zeker van de generatie na mij, is het volkomen normaal om oude en nieuwe muziek te combineren. Maar vroeger gebeurde dat ook al. Ik kreeg laatst een concertprogramma van het Concertgebouworkest uit 1969 onder ogen, uit de tijd van de Notenkrakersactie. Haitink dirigeerde muziek van Gabrieli en Mozart én er was een wereldpremière door Slagwerkgroep Amsterdam, die had je toen nog. Het idee dat er indertijd geen nieuwe muziek werd gespeeld klopt niet.” 


Bas Wiegers (foto Foppe Schut)


Schatzoeken 
Behalve dirigent is Wiegers tegenwoordig ook podcastmaker. In 2022 begon hij met The Treasure Hunt: “Wanneer ik een concert voorbereid spreek ik uitvoerig met de componist of met musici. Toen ik begon aan de opera Sycorax van Georg Friedrich Haas, die ik goed ken, merkte ik dat ik er graag over wilde vertellen, getuigen van mijn enthousiasme. Ik bedacht dat onze gesprekken voor concertgangers ook interessant zouden kunnen zijn, als voorbereiding op de voorstelling. Een voorgesprek in je eigen tijd, zeg maar.” 
 
Getuigen van zijn enthousiasme is iets wat Wiegers altijd gedaan heeft (en goed kan): “Ik ben als dirigent begonnen bij het Ricciotti Ensemble en het Nationaal Jeugdorkest, daar ben je altijd bezig met publiek bereiken en enthousiasmeren. Maar in de reguliere concertpraktijk is er niet altijd plek voor.” Hij maakt de podcast op eigen houtje en doet alles zelf, van opnemen tot editen. Nieuwe afleveringen verschijnen onregelmatig. 
 
De titel The Treasure Hunt zegt overigens veel over Wiegers’ werkwijze. “Wanneer ik een partituur bestudeer ga ik op zoek naar de schat. De noten of het moment waar alles om draait. Soms is dat voor iedereen dezelfde schat, zoals de inzet van de fluit in het langzame deel van het Pianoconcert in G van Ravel. Soms is het voor iedereen anders. Ik weet niet zeker of de schat die ik vind de schat is die de componist verstopt heeft. Als ik voor mezelf de schat maar heb gevonden. Je moet ervan overtuigd zijn, anders kan ik niet het podium op. Wat natuurlijk niet betekent dat daar steeds precies hetzelfde gebeurt. De waarheid geldt alleen vanavond om kwart over acht. Morgenavond is het weer anders.” 
 
In een recente aflevering stelt Wiegers de vraag: hoe blijf je nieuwsgierig in een wereld die een voorkeur lijkt te hebben voor zekerheid en dingen die we al weten? Deze vraag tekent Wiegers als musicus. Of de noten nu geschreven zijn door Joseph Haydn in 1794 of door Trevor Grahl, ze ontlenen hun betekenis aan ons vermogen alle vooroordelen voor even te parkeren en ze werkelijk te willen leren kennen. 
 
 

Bas Wiegers in seizoen 2026/207

Zet mij op de wachtlijst

Wenslijstje

Toegevoegd:

Naar wenslijstje