Pianist met een visie
Een gesprek met Pierre-Laurent Aimard, onze focusartiest voor 2026-27
April 2026
Tekst: Frederike Berntsen
Als er één pianist is die een hechte band heeft met Muziekgebouw aan ’t IJ is hetPierre-Laurent Aimard wel. Zijn terugkerende optredens resulteerden in deafgelopen jaren tot diverse hoogtepunten, waaronder het Ligeti Festival en hetKurtág Festival. ‘Niet een nachtje in de stad verblijven, maar echt ergens induiken,dát is verrijkend.’
Het muzikale leven van Pierre-Laurent Aimard, komend seizoen artist in focus bij het Muziekgebouw, kenmerkt zich door een en al toewijding aan het hedendaagse repertoire. De Fransman, voormalig student van Olivier Messiaen, is pleitbezorger van de grote componisten van onze tijd, die niet zelden ook werk voor hem schrijven. Af en toe maakt hij een uitstapje naar het ijzeren repertoire voor piano. En ook dan is het beeld vertrouwd: achter de toetsen zien we iemand die zich vastbijt in het materiaal dat hij uitvoert, sensitief, maar gedreven en compromisloos.
‘Het is een geschenk uit de hemel,’ benadrukt Aimard, ‘om met gelijkgestemde zielen te mogen samenwerken. Het team van het Muziekgebouw, dat zo precies is in de uitwerking van een plan, en waarmee ik diepgaand kan overleggen, bestaat uit mensen met een visie die begrijpen welke taal je spreekt. Ik heb daar niets dan lof voor. Hun geloof in mijn keuzes geeft vertrouwen en zorgt voor continuïteit in mijn werk.’
_web_1.jpg)
Pierre-Laurent Aimard (foto Marco Borggreve)
Bescheiden
Aimard weet wat hij wil, vanuit liefde en bewondering voor de muziek en de scheppers ervan, maar is tegelijkertijd de bescheidenheid zelve. Je kunt hem niet betrappen op een vastgeroeste opinie. Als klein ventje, met zijn ouders in de opera, de concertzaal, repertoirestukken, experimenteel werk, wist hij al: dit alles is belangrijk, niet één ding. En: het is voor iedereen. Onderscheid in soorten publiek? Liever niet. Vanaf het moment dat hij zelf het vak inging wilde hij eeuwen aan muziek omarmen, en niet alleen solistisch spelen, maar ook deel uitmaken van een ensemble, doceren. ‘De wereld verandert voortdurend, telkens moet je je eigen positie bijstellen. Ik probeer geïnformeerd te blijven, een bijdrage te leveren en vooral niet zelf een instituut te worden. Het is een hele opgave om geen gevangene te zijn van de menselijke komedie.’
Voelt Aimard zich verantwoordelijk voor de volgende generatie musici? ‘Jazeker, maar niet door een dogmatisch testament na te laten. Ik denk meer: in een wereld waarin technologie een steeds grotere rol speelt, is het van levensbelang om de rijke muzikale erfenis persoonlijk over te brengen. Hopelijk kan ik musici en luisteraars inspireren met het vakmanschap dat in al die schitterende muziek zit.’
Carter en Beethoven
Een van de componisten die Aimard noemt is Elliott Carter, die in 2012 op honderddriejarige leeftijd overleed. Een leermeester voor Aimard, die zich vanaf eind jaren zeventig met Carters muziek bezighield en een intensieve band opbouwde met de Amerikaan. ‘Hij schreef intelligente muziek, vol fantasie. Carter was een polyfoon vernieuwer die zijn tijd centraal stelde in zijn werk. Een groot denker, deze man.’ Van Carter voert hij diens Duo voor viool en piano uit, met Thomas Zehetmair, en het Dubbelconcert voor klavecimbel en piano. In dit laatste werk zit Aimards oud-leerling Benjamin Kobler achter het klavecimbel.
Tijdens een andere Muziekgebouwavond speelt Pierre-Laurent Aimard een recital met Beethovens Hammerklavier-sonate en de Concord-sonate van Ives, werk van twee mastodonten. ‘Het pianorecital is een interessante vorm, en is het niet fantastisch dat tot op de dag van vandaag luisteraars het heerlijk vinden om voor een dergelijke live-ervaring bij elkaar te komen?’ Maar een recital past niet bij ieder werk, vindt Aimard. Hij zoekt in zijn programmering hoe je de muziek het beste kunt dienen, en experimenteert daar al zijn hele leven mee. Messiaens Catalogue d’oiseaux werd door Aimard buiten uitgevoerd, vanaf de dageraad, verdeeld over verschillende momenten van de dag, op verschillende plekken in de natuur. Een belevenis, en een van de vele unieke ideeën, ontsproten aan Aimards creatieve brein. ‘De kracht van de Beethoven-Ives avond,’ zegt hij ‘wordt gevormd door de stukken zelf, die alle mogelijke pianistische grenzen oprekken. Beethoven en Ives waren visionaire filosofen van het geluid, en twee grote avant-gardisten.’
_web.jpg)
Pierre-Laurent Aimard in het Muziekgebouw (foto Martina Simkovicova)
Vrijheid
‘Vrijheid van denken in een compositie vind ik zeer aantrekkelijk, en ook belangrijk. Mozart in zijn pianofantasie, het is een mini-opera, een intrigerende psychologische reis met een volmaakte dramaturgie. Beethovens Fantasie, weer dat woord. Componisten van nu die ons uitnodigen om onze individuele vrijheid te vinden in wat ze laten horen, ons aansporen om niet volgens opgelegde, bestaande regels onze eigen gedachten te vormen. In korte tijd door een componist langs tien toonsoorten geleid worden, dat spreekt me aan. Een programma neerzetten is niet alleen maar entertainen, de rol van cultuur is cruciaal als je het over de vorming van gedachtegoed hebt.’
Typerend: de recent geschreven pianostukken die Pierre-Laurent Aimard het meest interesseren hebben niets te maken met de ‘pianocultuur’ die hij kent. Hij glimlacht en kust zijn vingertoppen als een chef-kok die een gerecht prijst: ‘De wereld beweegt, is creatief, is overweldigend.’
Dit artikel verscheen eerder in Vriendenmagazine DichtbIJ.